Wijsheid

Even verbaasde ik me over de titel van dit nieuwe katern: “Kennis”, en dacht ik dat de Volkskrant een geheel katern wilde wijden aan oppervlakkige vriendschappen. “Kennis” zoals “bekende”, “bezoek” of “collegaatje.” Gelukkig vergiste ik me, want ik hou niet van “kennissen.” Van kennissen krijg je visite, en daar hou ik ook niet van.

Het bleek om die andere betekenis van “kennis” te gaan. Die van “dingen weten over de wereld.” Wat kennis precies is weet ik niet; maar mijn vrienden die Homerus kunnen citeren, Chinese rivieren bij naam kennen, en weten dat Piet Paaltjens stierf in 1894 beschikken over meer kennis dan ik.
Soms ben ik jaloers op ze en verlang ik van mijzelf dat ik ook Homerus kan citeren. Of ben ik bang domme dingen te beweren omdat ik te weinig kennis heb. Maar vaker nog baal ik van de nutteloze kennis die ik wél heb. Verleden week vroeg mijn kapper of ik iets wist over de geschiedenis van de oliebol, en wist ik het verdorie. (Zo wist ik dat de oliebol al sinds de 19e eeuw als zodanig bestaat, en vermoedelijk voorkomt uit de oliekoek…)

Wat heb ik aan de dingen die ik weet? En wat hebben we aan alle kennis die er is? We weten steeds meer maar het is de vraag of onze beslissingen er verstandiger door worden. Sprookjes, Griekse tragedies en de toneelstukken van Shakespeare zitten vol met wijsheid, en zijn allemaal geschreven in een tijd dat er veel minder kennis was. Word je wel wijzer van meer kennis?

Navigatie: